desespereren

werkw.
Afbreekpatroon:  de - ses - pe - 're - ren
Herkomst:  «Frans
Vervoegingen:  desespereerde (verl.tijd )
Vervoegingen:  heeft gedesespereerd (volt.deelw.)

de moed verliezen
Voorbeeld:  `Maar desespereer niet, je komt er wel.`
Synoniem:  wanhopen


4 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling van 1858 wanhopen, vertwijfelen. Désespoir, Fr., wanhoop, vertwijfeling
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: ow. [gelijkvloeiend] (ik desespereerde, heb gedesespereerd), wanhopen; - aan (iets).
  3. 1) De moed verliezen 2) Wanhopen
  4. wanhopen Jaar van herkomst: 1669 (MEY )
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
desespereren (wanhopen)