de dakhaas
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['dɑkhas] |
| Afbreekpatroon: | dak·haas |
| Verbuigingen: | dakhazen (meerv.) |
1) kat informeel 2) inbreker informeel 8 definities op Encyclo
- (Amsterdams) inbreker
- (Amsterdams) kat, dit was in de oorlog de benaming voor katten, die vanwege honger en voedselschaarste als 'haas' werden bereid/ gegeten
- (Amsterdams) loodgieter, met name een die de regenpijpen repareert
- (Amsterdams) stuk onbenul
- 1) Poes 2) Inbreker 3) Huiskat 4) Kat (schertsend) 5) Kater 6) Kat
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
dakhaasVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de dakhaas' of 'het dakhaas'?
Het is 'de dakhaas', want dakhaas is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die dakhaas'.
Wat is het meervoud van dakhaas?
Het meervoud van dakhaas is 'dakhazen'. Eén dakhaas, twee dakhazen.
Wat betekent dakhaas?
'kat' en 'inbreker'
Hoe spel je dakhaas?
dakhaas spel je D A K H A A S Op andere websites
Zoek dakhaas in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek dakhaas op
Google
Zoek dakhaas op
Woordenlijst.org
Zoek dakhaas in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek dakhaas op
Wikipedia