de dadel

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  ['dadəl]
Verbuigingen:  dadel|s (meerv.)

vrucht van de dadelpalm biologie
Voorbeelden:  `Dadels zijn zoet en ze worden vers of gedroogd gegeten.`,
`Dadels hebben een harde pit.`,
`Mohammed hield van dadels.`

© Kernerman Dictionaries.

5 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), zekere fijne zuidvrucht. ~BOOM, m. (-en). ~PIT, m. (-ten). ~OLIE, v. [geen meervoud] ~STROOP, v. [geen meervoud] ~WIJN, m. [...
  2. • [fruit] een vrucht van de dadelpalm.
  3. 1) Boomvrucht 2) Palmboom 3) Plant 4) Steenvrucht 5) Tropische vrucht 6) Uitheemse vrucht 7) Vinger 8) Vrucht 9) Zoete vrucht 10) Zuidvrucht
  4. vrucht van dadelpalm Jaar van herkomst: 1401-1500 (MNW )
  5. Een dadel is de vrucht van de dadelpalm (Phoenix dactylifera), een tweehuizige palm. Dadels groeien in trossen aan de vrouwelijke bomen. In de vruchten bevindt zich een ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met dadel:
dadelijkdadeloosdadeloosheiddadels

Deze woorden eindigen op dadel:
geldadel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
dadel (vrucht van de dadelpalm Phoenix dactylifera)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `dadel`.