clubben

werkw.
Afbreekpatroon:  'club - ben
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  clubde (verl.tijd )
Vervoegingen:  geclubd (volt.deelw.)

(nacht-) clubs bezoeken
Voorbeeld:  `op vrijdagavond gaan ze in de stad clubben `
Synoniem:  uitgaan in clubs