het chromosoom

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [xromo'zom, xromo'zom]
Verbuigingen:  chromo|somen (meerv.)

microscopisch kleine stukje eiwit in de celkern dat het erfelijk materiaal van een organisme bevat biologie
Voorbeelden:  `Een chromosoom is een opgerolde streng DNA.`,
`Een mens heeft 23 paren chromosomen, dus 46 in totaal.`

© Kernerman Dictionaries.

25 definities op Encyclo
  1. onderdeeltjes van je lichaamscellen met erfelijke informatie vb: vrouwen hebben een chromosoom minder dan mannen
  2. • [biologie] staafachtig lichaampje in de celkern dat drager van erfelijke eigenschappen is.
  3. Structuur, die in lineaire volgorde genen bevat. Chromosomen bestaan uit DNA en eiwitten en zijn te zien tijdens mitose en meiose. Animatie over het chromosoom van de Un...
  4. Een chromosoom bestaat grotendeels uit twee DNA-moleculen (Chromatiden) met een zeer complex gevouwen en gedraaide (helix) structuur. Deze chromatiden zijn op één punt ...
  5. Dragers van erfelijke eigenschappen
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op chromosoom:
PhiladelphiachromosoomgeslachtschromosoomisochromosoomX-chromosoomY-chromosoom

Herkomst volgens etymologiebank.nl
chromosoom (drager van erfelijke eigenschappen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `chromosoom`.