buk als dialectwoord
buik (fries)   buik (Groesbeeks)   buik (Arnhems)   bokken (Kinroois)   bokken (Hunsels)   buik (Heezers)  
Toon alle 12 dialectwoorden

7 definities op Encyclo
  • Uit `De lagere vaktalen: Timmermanstaal` 1914 een der twee schaven, waaruit een nootschaaf is samengesteld.
  • •haar
  • [Let op: mogelijk oud Nederlands van 1400-1800] bok
  • 1) Koreaanse trommel 2) Boze luim
  • 1#) Koreaanse trommel 2#) kleine Tibetaanse handcimbalen
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met buk:
Bukatbukkenbukskinbukzone

Op andere websites
Zoek buk in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek buk op Google
Zoek buk op Woordenlijst.org
Zoek buk in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek buk op Wikipedia