de buis

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [bœys]
Verbuigingen:  buizen (meerv.)

1) holle ronde pijp waar vloeistoffen of gassen doorheen gaan
Voorbeeld:  `waterleidingbuis`
buis van Eustachius  (verbinding tussen oor en keelholte)

2) televisie
Voorbeeld:  `voor de buis zitten`
Synoniem:  tv

3) te laag cijfer (lager dan zes) voor een examen
Voorbeeld:  `een buis krijgen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
beeldbuis cilinder jak televisie televisieapparaat televisietoestel

Taaladvies
Schrijf je mannesmannbuis (`naadloos gewalste buis`) met een hoofdletter, of met een kleine letter? Zie mannesmannbuis / Mannesmannbuis

19 definities op Encyclo
  • kledingstuk, kiel.
  • schip.
  • Zie: Elektronenbuizen
  • [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Buis``] Zie Ontstekingsmiddelen
  • •een hol, cilindrisch voorwerp. •een onvoldoende. •een televisie. •"(biologie)" het onderste deel van een vergroeidbladige kelk of kroon. •"(militair)" een mech...
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden beginnen met buis:
    buisklokbuisklokkenbuisklokkenspelbuisleidingbuisleidingenbuiswater

    Deze woorden eindigen op buis:
    abuisafvoerbuisbeeldbuisdraineerbuisdwangbuiselektronenbuiskijkbuiskombuislanceerbuisluibuisnanobuispeilbuispisbuisplasbuispulsbuisradiobuisreageerbuisspreekbuistl-buistraanbuis

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    1. buis (dronken)
    2. buis (haringbuis)
    3. buis (jasje)
    4. buis (leiding)
    5. buis (slag)
    6. buis (vriend, kameraad)