bruingebrand

bijv.naamw.

1) met een als door zonnestraling donker geworden huidskleur
Voorbeeld:  `Het waren allen bejaarde mannen met bonkig aangezicht, bruingebrand van het zonnevuur, (…)`

2) donker gekleurd als gevolg van verhitting
Voorbeeld:  `Die heerlijke vers gebakken tartepomme, bruingebrand met gebarste suiker er op en appelspijs er in.`


Bron: WikiWoordenboek.