broezen

werkw.
Afbreekpatroon:  'broe - zen
Vervoegingen:  broesde (verl.tijd )
Vervoegingen:  heeft gebroesd (volt.deelw.)

1) besproeien met een broes algemeen
Voorbeeld:  `Het broezen van jonge plantjes met de gieter of waterslang met broeskop.`
Synoniemen:  water geven, besprenkelen

2) heftig snuiven van een paard fauna


2 definities op Encyclo
  1. Het met een broes - broeskop nat maken van planten, kasvloeren e.d. Een broes is een op een waterslang of gieter te plaatsen hulpstuk dat fijne gaatjes heeft.
  2. 1) Snuiven van paarden
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
broezen = bruisen

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 38% van de Nederlanders en 31% van de Vlamingen het woord `broezen`.