de binnenbocht
zelfst.naamw. (m./v.)
| Uitspraak: | ['bɪnə(n)bɔxt] |
| Afbreekpatroon: | bin·nen·bocht |
| Verbuigingen: | binnenbochten (meerv.) |
1) binnenkant van de bocht waar de draai het scherpst en het kortst is | Voorbeelden: | `de binnenbocht van een schaatsbaan`, `De automobilist nam de binnenbocht en kwam op de verkeerde weghelft.`, `de binnenbocht van een rivier` | |
| Antoniem: | buitenbocht |
2) gebogen hulpstuk voor de binnenkant van de bocht van een leiding, afwerkingsrand technisch 1 definitie op Encyclo
- Sedimentatie, vormt een gevaar voor de scheepvaart
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de binnenbocht' of 'het binnenbocht'?
Het is 'de binnenbocht', want binnenbocht is mannelijk en vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die binnenbocht'.
Wat is het meervoud van binnenbocht?
Het meervoud van binnenbocht is 'binnenbochten'. Eén binnenbocht, twee binnenbochten.
Wat betekent binnenbocht?
'binnenkant van de bocht waar de draai het scherpst en het kortst is' en 'gebogen hulpstuk voor de binnenkant van de bocht van een leiding, afwerkingsrand'
Hoe spel je binnenbocht?
binnenbocht spel je B I N N E N B O C H T Op andere websites
Zoek binnenbocht in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek binnenbocht op
Google
Zoek binnenbocht op
Woordenlijst.org
Zoek binnenbocht in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek binnenbocht op
Wikipedia