beëdigen

werkw.
Uitspraak:  [bəˈedixə(n)]
Vervoegingen:  beëdigde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft beëdigd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

door een eed te laten afleggen officieel een functie geven
Voorbeelden:  `een beëdigde vertaler`,
`iemand beëdigen als minister`

© Kernerman Dictionaries.

3 definities op Encyclo
  1. 1) Onder eed stellen
  2. [burgerlijk procesrecht] afleggen van eed of belofte voor het vervullen van een bepaalde taak of functie. Bijv. ~ van de getuige vindt plaats vooralee…
  3. 1) Assermenteren 2) Een eed afnemen 3) Iemand plechtig installeren
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
beëdigen

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 93% van de Vlamingen het woord `beëdigen`.