de bandage

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [bɑn'daʒə]
Afbreekpatroon:  ban·da·ge
Verbuigingen:  bandages (meerv.)

verbandmiddel waarmee een lichaamsdeel stevig kan worden verbonden
Voorbeelden:  `een bandage aanbrengen`,
`boksen met een bandage om de handen`


5 definities op Encyclo
  • Let op: Spelling van 1858 Fr., heelkundig verband, breukband. Bandagist, breukbandmaker, breukmeester
  • 1) Breukband 2) Verband 3) Buikcorset 4) Windsel 5) Zwachtel 6) Buikband
  • verband
  • Verband, zwachtel, windsel..
  • verband Jaar van herkomst: 1768 (Aanv WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met bandage:
bandageren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
bandage (verband, zwachtel)

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de bandage' of 'het bandage'?
Het is 'de bandage', want bandage is vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die bandage'.
Wat is het meervoud van bandage?
Het meervoud van bandage is 'bandages'. Eén bandage, twee bandages.
Wat betekent bandage?
'verbandmiddel waarmee een lichaamsdeel stevig kan worden verbonden'
Hoe spel je bandage?
bandage spel je B A N D A G E

Op andere websites
Zoek bandage in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek bandage op Google
Zoek bandage op Woordenlijst.org
Zoek bandage in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek bandage op Wikipedia