de amandel

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [aˈmɑndəl]
Verbuigingen:  amandel|en, amandel|s (meerv.)

1) eetbare pit van een amandelvrucht
Voorbeeld:  `Bij de borrel was een schaaltje met walnoten, hazelnoten en amandelen.`

2) amandelvormige klier in je keel
Voorbeeld:  `Je hebt twee amandelen, die weggehaald worden als je erg vaak verkouden bent.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
amandelboom tonsil

11 definities op Encyclo
  1. munt van kleine waarde in Gudjarat, gelijk aan 1-36 pais.
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-en). vrucht. ~BAST, m. (-en). ~BOOM, m. (-en). ~DEEG, v. [geen meervoud] ~DRANK, m. (-en). ~MEEL, o. [geen meervoud] ~MELK, v. [...
  3. Tonsil; lymfatisch weefsel achter in de neus-keelholte..
  4. steenvrucht met eetbare pit Jaar van herkomst: 1251 (Claes Tw. 9 )
  5. platte pit van amandelvrucht vb: in dit krentenbrood zit spijs van echte amandelen klier achterin je keel vb: toen Fabian klein was, werden zijn amandelen verwijderd
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met amandel:
amandelbomenamandelboomamandelenamandelmeelamandelmelkamandelolieamandelontstekingamandelontstekingenamandelpersamandelsamandelspijsamandeltaartamandelwolfsmelkamandelzuur

Deze woorden eindigen op amandel:
tongamandelneusamandelSingapore-amandelzeeamandelkeelamandelaardamandelsuikeramandel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
amandel (vrucht van de Prunus amygdalus; tonsil)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `amandel`.