aftaaien

werkw.
Verbuigingen:  taaide af
Verbuigingen:  afgetaaid

1) weggaan bij een werkzaamheid, dienst e.d.
Voorbeeld:  `Nee, die zijn eergisteren al afgetaaid.`

2) dienst of werkzaamheid opgeven
Voorbeeld:  `Er werd door velen afgetaaid.`


Bron: WikiWoordenboek.

3 definities op Encyclo
  1. weggaan Jaar van herkomst: 1974 (Endt )
  2. 1) Afnokken 2) Nokken 3) Ophouden en weggaan 4) Ophouden 5) Pleite gaan 6) Weggaan 7) Weggaan (volkstaal) 8) Weggaan (volkstaal )
  3. Amsterdams woord voor stoppen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
aftaaien (ermee ophouden, weggaan)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 36% van de Vlamingen het woord `aftaaien`.