afschuren
werkw.
| Uitspraak: | ['ɑfsxyrə(n)] |
| Afbreekpatroon: | af·schu·ren |
| Vervoegingen: | schuurde af (verl.tijd enkelv.) |
| Vervoegingen: | heeft afgeschuurd (volt.deelw.) |
1) door schuren weghalen | Voorbeeld: | `een oude verflaag afschuren` | |
2) door schuren gladmaken | Voorbeeld: | `een houten vloer afschuren` | |
| Synoniem: | gladschuren |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van afschuren?
De verleden tijd van afschuren is 'schuurde af'. Het voltooid deelwoord is 'heeft afgeschuurd'.
Wat betekent afschuren?
'door schuren weghalen' en 'door schuren gladmaken'
Hoe spel je afschuren?
afschuren spel je A F S C H U R E N Op andere websites
Zoek afschuren in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek afschuren op
Google
Zoek afschuren op
Woordenlijst.org
Zoek afschuren in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek afschuren op
Wikipedia