afladen

werkw.
Uitspraak:  ['ɑfladə(n)]
Vervoegingen:  laadde af (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft afgeladen (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) (lading) van een voertuig afhalen
Voorbeeld:  `hout afladen`
Antoniem:  opladen

2) (een voertuig) ontdoen van zijn lading
Voorbeeld:  `een vrachtwagen afladen`
Antoniem:  opladen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
iets uitladen lossen ontladen uitladen

3 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bedrijvend werkwoord] [gelijkvloeiend] (ik laadde af, heb afgeladen), wat geladen is weg-, af-, uitnemen; ontladen; ten einde laden; v...
  2. 1> een schip tot aan het dek, het bovenboord, of de ijken beladen. 2> alle ruimte aan dek of alle ruimte aan boord(4) benutten. 3> de toelast laden.
  3. 1) Aflossen 2) Afnemen 3) Afpakken 4) Lossen 5) Ontdoen van lading 6) Ontladen 7) Uitladen 8) Uitnemen 9) Van zijn lading ontdoen 10) Volladen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 94% van de Nederlanders en 95% van de Vlamingen het woord `afladen`.