aanzwengelen

werkw.
Uitspraak:  ['anzwɛŋələ(n)]
Afbreekpatroon:  aan·zwen·ge·len
Vervoegingen:  zwengelde aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangezwengeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) laten beginnen
Voorbeeld:  `Ik wil met die jongeren in gesprek komen en een dialoog aanzwengelen.`
Synoniem:  op gang brengen

2) (iets dat niet naar tevredenheid is) beter of groter maken
Voorbeelden:  `Extra kortingen moeten de lage verkoop aanzwengelen.`,
`de consumptie van bier aanzwengelen door de introductie van een nieuw product`
Synoniemen:  stimuleren, bevorderen


Synoniemen
aanslingeren   

1 definitie op Encyclo
  • 1) Aanslingeren 2) Entameren 3) Ter sprake brengen 4) Aansturen 5) Opstarten 6) Aankaarten 7) Aansnijden
Toon uitgebreidere definities

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aanzwengelen?
De verleden tijd van aanzwengelen is 'zwengelde aan'. Het voltooid deelwoord is 'heeft aangezwengeld'.
Wat betekent aanzwengelen?
'laten beginnen' en '(iets dat niet naar tevredenheid is) beter of groter maken'
Hoe spel je aanzwengelen?
aanzwengelen spel je A A N Z W E N G E L E N
Wat is een ander woord voor aanzwengelen?
Een ander woord aanzwengelen is aanslingeren.

Op andere websites
Zoek aanzwengelen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek aanzwengelen op Google
Zoek aanzwengelen op Woordenlijst.org
Zoek aanzwengelen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek aanzwengelen op Wikipedia