de aanslag

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  anslɑx]
Verbuigingen:  aanslag|en (meerv.)

1) gewelddadige aanval
Voorbeeld:  `een aanslag plegen op een politicus`
een aanslag opeisen  (zeggen dat je de aanslag gepleegd hebt)

2) keer dat je een toets indrukt
Voorbeeld:  `een tiksnelheid van 200 aanslagen per minuut`
Synoniem:  toetsaanslag

3) bedrag dat je aan de belasting moet betalen financieel
Voorbeelden:  `belastingaanslag`,
`aanslagbiljet`

4) laagje dat ergens op zit waar het niet hoort
Voorbeelden:  `aanslag op je tanden van het roken`,
`kalkaanslag`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanslagbiljet bezinksel bomaanslag impact knal

Spreekwoorden en zegswijzen
• in de aanslag brengen (=klaar maken)
Naar de spreekwoorden

17 definities op Encyclo
  1. een al of niet gewenste kleurbijmenging in veren, snavel of loopbenen.
  2. Het deel van de stijl en de dorpel, waartegen een deur of draaiend raam sluit. De aanslaglijst wordt ook `naald` genoemd. De foto rechts toont de aanslag van een dubbele...
  3. de richting der vizierlijn, bij 't aanleggen van een geweer
  4. Uit `De lagere vaktalen: Taal der bouwbedrijven` 1914 het vlak waartegen de staanders van een deur- of vensterkozijn geplaatst worden.
  5. [ bouwkundige termen] Het gedeelte van een stijl en een dorpel waar een deur of (draaiend) raam tegenaan sluit. Een losse aanslaglijst wordt ook naald genoemd.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met aanslag:
aanslagbiljetaanslagbiljettenaanslagenaanslaglijst

Deze woorden eindigen op aanslag:
bomaanslagkalkaanslagtandaanslagmoordaanslagterreuraanslagtoetsaanslagzelfmoordaanslag

Herkomst volgens etymologiebank.nl
aanslag (misdadig plan; beschikking)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `aanslag`.