aanloggen
werkw.
| Afbreekpatroon: | 'aan-log-gen |
| Herkomst: | «Engels |
| Vervoegingen: | logde aan (verl.tijd ) |
| Vervoegingen: | aangelogd (volt.deelw.) |
een netwerk via de computer binnengaan, vaak na het invoeren van een wachtwoord computer | Voorbeelden: | `Bij het aanloggen op het netwerk kreeg de medewerker een beveiligingsmelding.`, `Zonder een correcte inlognaam en veilig paswoord kan men niet aanloggen.` | |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesHerkomst volgens etymologiebank.nl
aanloggenVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van aanloggen?
De verleden tijd van aanloggen is 'logde aan'. Het voltooid deelwoord is 'aangelogd'.
Wat betekent aanloggen?
'een netwerk via de computer binnengaan, vaak na het invoeren van een wachtwoord'
Hoe spel je aanloggen?
aanloggen spel je A A N L O G G E N Op andere websites
Zoek aanloggen in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek aanloggen op
Google
Zoek aanloggen op
Woordenlijst.org
Zoek aanloggen in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek aanloggen op
Wikipedia