5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `zijn voor`
- als de dood zijn voor iets (=heel erg bang zijn voor iets)
- bang zijn voor zijn eigen schaduw (=overdreven bang zijn)
- het kainsmerk aan zijn voorhoofd dragen (=het is op zijn gezicht te lezen dat hij een schurk is)
- iemand op zijn voorman zetten (=iemand nadrukkelijk op zijn plicht wijzen)
- vogeltjes die zo vroeg zingen zijn voor de poes (=wie zo vroeg wil genieten komt bedrogen uit)
14 betekenissen bevatten `zijn voor`
- het lood al in de bil hebben (=al gestraft zijn voor iets. (geschoten zijn met een loden kogel))
- vroeg opstaan (=alert zijn voor bedrog)
- je zegeningen tellen (=dankbaar zijn voor wat men heeft.)
- een blok aan het been (=een last zijn voor iemand anders.)
- met knikkende knieën (=erg zenuwachtig zijn voor iets)
- in de piepzak zitten (=geen oplossing weten, Bang zijn voor de gevolgen)
- met beslagen paarden op het ijs komen. (=goed voorbereid zijn voor zijn taak)
- als de dood zijn voor iets (=heel erg bang zijn voor iets)
- elk is een dief in zijn nering (=ieder zoekt zijn voordeel)
- men vindt geen molenaar of hij at gestolen koren. (=ieder zoekt zijn voordeel, ook al is het ten koste van anderen.)
- wie de pastoor niet eert, wie zijn absolutie riskeert (=om je ambitie te bereiken, moet je extra aardig zijn voor de hoge heren)
- het ringetje van de deur kussen (=onderdanig / beleefd zijn voorbij geloofwaardigheid)
- de hond in de pot vinden (=te laat zijn voor het eten (alles is op))
- de juiste man op de juiste plaats zijn (=zeer geschikt zijn voor het werk)
16 dialectgezegden bevatten `zijn voor`
- 't overschot is veur de goddelooz'n (=de restjes zijn voor ongelovigen) (Westerkwartiers)
- bang hon bieëlë het helste (=je hoeft niet bang te zijn voor iemand die en grote mond zet) (Munsterbilzen - Minsters)
- daaj ès nog te vaul vër zich te kretse as ze ieëk hèt (=het moet al erg zijn voor ze een poot uitsteekt) (Munsterbilzen - Minsters)
- de mauste pan nog autlêkke (=de restjes zijn voor u) (Munsterbilzen - Minsters)
- Doe bis neet va soeker (=Je hoeft niet bang te zijn voor de regen) (Mechels (NL))
- een bieëst verkuëpen met ’t oeër nor buien (=een beest verkopen met het haar naar buiten alle risico’s zijn voor de koper) (Meers)
- ërges nie sjieëteg hiëne zin (=niet inschikkelijk zijn voor iets) (Munsterbilzen - Minsters)
- heiverëg ston tiëgeniëver get (=weigerachtig zijn voor iets) (Munsterbilzen - Minsters)
- het aon zën KL....hëbbe (=er aan zijn voor de moeite) (Munsterbilzen - Minsters)
- ip oi'n ei (g) n dépan (=de onkosten na verkoop zijn voor u) (Waregems)
- kittels en (=gevoelig zijn voor kriebels) (Veurns)
- mürge kump nochne daog (=zorgen zijn voor morgen) (Bilzers)
- plichtig zin aon (=vatbaar zijn voor) (Bilzers)
- strank 'öbbe veur get of emes (=bang zijn voor iets of iemand) (Steins)
- ut mot irst warre voor ut reeen (=het moet eerst een rotzooi zijn voor het netjes wordt) (Giessendams)
- ziech tich mér goed, dan bèste gekloet....onthaag dat mér goed ! (=wees voorzichtig met te goed te zijn voor iedereen) (Munsterbilzen - Minsters)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen