419 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `Sch`
- in iemands Schoenen staan (=het lot van iemand anders ondergaan)
- in ogenSchouw nemen (=bekijken)
- in zijn laatste Schoenen lopen (=het einde naderen - erg ziek zijn)
- in zijn Schik zijn (=blij en opgewekt zijn)
- in zijn Schulp kruipen (=zich in zichzelf terugtrekken, niet verder aandringen)
- in zijn vaandel Schrijven (=in zijn programma opnemen)
- in zijn wiek geSchoten zijn (=zich beledigd voelen)
- je de ogen uit het hoofd Schamen (=erg beschaamd zijn)
- je de wet niet voor laten Schrijven (=geen bevelen accepteren van een ander)
- je een aap Schrikken (=erg schrikken)
- je een hoedje Schrikken (=enorm schrikken)
- je handen in onSchuld wassen (=doen alsof men geen schuld heeft)
- je het apelazerus Schrikken (=heel heftig schrikken)
- je hoofd in de Schoot leggen (=het opgeven)
- je in de eigen voet Schieten (=jezelf benadelen)
- je kruit op de mussen verSchieten (=zijn woorden verspillen)
- je kruit verSchoten hebben (=uitgeput zijn, niets meer kunnen doen)
- je leven in de waagSchaal stellen (=actie ondernemen waarbij het eigen leven in gevaar kwam)
- je licht ergens op laten Schijnen (=iets duidelijk maken)
- je pijlen verSchieten (=te snel handelen)
- je Schaapjes geSchoren hebben (=van zijn rente kunnen leven)
- je Schaapjes op het droge hebben (=de zaken op orde hebben of voldoende hebben om niet meer te hoeven werken)
- je Schaapjes Scheren (=er de winst uithalen)
- je Schaduw vooruit werpen (=zich onheilspellend aankondigen)
- je Schip is binnen (=hij heeft zijn fortuin gemaakt)
- je Schrap zetten (=klaarmaken om de klap op te vangen)
- je voor de kop Schieten (=inzien dat men een grote stommiteit gedaan heeft - zelfmoord plegen)
- je wezenloos Schrikken (=erg schrikken)
- je woorden op een goudSchaaltje wegen (=uiterst weloverwogen spreken)
- kijken als een hard geSchilde aardappel (=bleek zien)
- kijken als een Schelvis (=lodderig, dom of onbetrouwbaar kijken)
- klare wijn Schenken (=eerlijk en duidelijk vertellen hoe de situatie in elkaar steekt)
- korte afrekening maakt lange vriendSchap (=snel terugbetalen (teruggeven) voorkomt ruzie)
- korte rekeningen maken lange vriendSchappen. (=financiële geschillen moet je direct oplossen)
- kunnen lezen en Schrijven (=al lange tijd goede diensten bewezen hebben)
- kwaad gezelSchap doet dolen. (=vermijdt omgang met mensen die een negatieve invloed op je leven kunnen hebben)
- kwade gezelSchappen bederven goede zeden. (=slechte eigenschappen overnemen van slechte vrienden)
- magere luizen bijten Scherp (=met de armsten heb je de meeste last)
- men moet de Schapen Scheren maar niet villen (=als men uit hebberigheid de inkomstenbron opoffert heeft men niets meer voor in de toekomst)
- met de nachtSchuit komen (=laat komen / iets vertellen dat iedereen al weet)
- met de nachtSchuit vertrekken (=er erg stilletjes vandoor gaan)
- met de vork Schrijven (=afzetten, meer kosten rekenen dan werkelijk gemaakt)
- met dubbel krijt Schrijven (=te veel aanrekenen)
- met een kanon op een mug Schieten (=ophef maken om niks / overdreven zware maatregelen nemen)
- met een Schone lei beginnen (=opnieuw mogen beginnen, zonder dat misstappen uit het verleden nog zichtbaar zijn)
- met geen pen te beSchrijven zijn (=iets niet met woorden kunnen zeggen)
- met lood in de Schoenen (=met heel veel tegenzin of angst)
- met los kruit Schieten (=schijnbaar streng straffen met een straf die in feite geen nadeel oplevert)
- met spek Schieten (=overdrijven of opscheppen)
- moord en brand Schreeuwen (=uiterst verontwaardigd zijn)
387 betekenissen bevatten `Sch`
- op de achtergrond blijven (=niet in de Schijnwerpers willen staan.)
- niet met iemand door één deur kunnen (=niet met iemand kunnen samenwerken (door verSchillen in persoonlijkheid.))
- de hand met iets lichten (=niet Scherp opletten, het niet te streng nemen)
- van de regen in de drup (=niet veel opSchieten, van moeilijke omstandigheden in nog moeilijkere omstandigheden terecht komen)
- effen rekening maakt goede vrienden (=of anders: Schulden maken vijanden)
- een stalen voorhoofd hebben (=onbeSchaamd zijn)
- zonder blikken of blozen (=onbeSchaamd, zonder zich iets van anderen aan te trekken)
- eten als een dijker. (=onbeSchoft veel eten.)
- onder de mantel van (=onder de Schijn van)
- onder zijn scepter brengen (=ondergeSchikt maken)
- barbertje moet hangen (=ongeacht of iemand Schuldig is moet die gestraft worden)
- geen spek voor de bek (=ongeSchikt - iets wat men niet aankan)
- door de kajuitsramen aan boord komen (=onmiddellijk bevelhebber worden, zonder eerste ondergeSchikte te zijn geweest)
- nattevingerwerk zijn / Met de natte vinger doen (=onnauwkeurig, overhaast of zonder de geSchikte methode of middelen uitgevoerd werk)
- door een donkere bril bekijken (=op een pessimistiSche manier bekijken)
- de bal terugkaatsen (=op een vraag die gesteld wordt geen antwoord geven, maar een tegenvraag stellen; op een kritiSche opmerking van iemand reageren door zelf ook meteen een kritiSche opmerking te maken over de ander)
- op de rooi af (=op goed geluk geSchat)
- dik doen (=opScheppen)
- het paard ruikt de stal (=opSchieten om gauw thuis te komen)
- een knuppel in het hoenderhok gooien (=opSchudding veroorzaken)
- heden ik morgen gij (=oud grafSchrift: gedenk, lezer, dat jij ook zal sterven)
- oude koeien uit de sloot halen (=oude geSchiedenissen terug ten tonele voeren)
- iemand op iets aankijken (=over een eigenSchap of daad van iemand niet tevreden zijn)
- veel in huis hebben (=over veel capaciteiten beSchikken)
- over smaak valt niet te twisten (=over verSchil in smaak moet men geen ruzie maken)
- met spek schieten (=overdrijven of opScheppen)
- volgens het boekje (=overeenkomstig de theorie of overeenkomstig de voorSchriften)
- de regels met voeten treden (=overtreden, voorSchriften niet opvolgen / onbehouwen te werk gaan)
- het eindje draagt de last. (=pas aan het eind komen de problemen tevoorSchijn)
- verrijzen als paddenstoelen na een regenachtige dag (=plots tevoorSchijn komen)
- tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren (=praktiSche belemmeringen weerhouden ons van het realiseren van onze plannen.)
- in het schot vallen (=precies tijdens het startSchot vertrekken)
- aap wat heb je mooie jongen (=sarcastiSche opmerking over iemand die wat al te trots is op iets)
- wie zijn pap gemorst heeft kan niet alles weer oprapen (=Schade kan nooit geheel worden goedgemaakt)
- honi soit qui mal y pense (=Schande over hem die er kwaad over denkt)
- een stuip krijgen van het lachen (=Schaterlachen)
- met de ogen meten (=Schatten)
- voor top en takel drijven (=Scheepvaart : zonder een zeil te voeren)
- alle molenaars zijn geen dieven (=Scheer niet iedereen over dezelfde kam)
- schenking met de warme hand (=Schenken terwijl men nog leeft (erfenissen))
- naar het hoofd gooien/slingeren (=Scherpe verwijten maken)
- hoe later op de avond/dag hoe schoner volk (=Schertsend gezegd bij het laat binnenkomen van vrienden of familie)
- een garnaal heeft ook een hoofd (=Schertsend gezegd van een kind dat koppig aan zijn mening vasthoudt)
- het is niet al goud wat blinkt (=Schijn bedriegt)
- het is niet overal zomer waar de zon schijnt. (=Schijn bedriegt)
- het zijn niet allen jagers die op de hoorn blazen. (=Schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen koks die lange messen dragen (=Schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- het zijn niet allen monniken die kappen dragen (=Schijn bedriegt, je kunt je in mensen vergissen)
- een reus op lemen voeten (=Schijnbaar sterk maar in feite zwak)
- met los kruit schieten (=Schijnbaar streng straffen met een straf die in feite geen nadeel oplevert)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen