1692 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `te`
- als Ieren en Britten op één land (=twee aartsvijanden in één ruimte)
- als ik ze niet hoef te hoeden laat ik de ganzen ganzen zijn (=ik bemoei me niet met andermans zaken als het niet hoeft)
- als je alles van tevoren weet, ga je liggen voor je valt (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
- als je alles van tevoren wist, dan kwam je met een dubbeltje de wereld rond (=het heeft geen zin zich na afloop te beklagen over gebrek aan voorkennis. (Meestal in antwoord op klachten als `Als ik dat van tevoren geweten had.`))
- als je geschoren wordt, moet je stilzitten (=als er scherpe kritiek op je is (je wordt geschoren), kun je beter rustig wachten tot het voorbij is, in plaats van erop in te gaan)
- als je je pet ertegenaan gooit dan blijft hij hangen (=dat stukje verfwerk is niet erg vlak uitgevoerd)
- als katten muizen, mauwen ze niet (=wanneer je aan het eten bent, praat je niet zoveel)
- als oude honden blaffen, is het tijd om uit te zien (=als ervaren mensen waarschuwen moet je luisteren)
- als paddenstoelen uit de grond schieten (=snel en in grote massa tevoorschijn komen)
- als Pasen en Pinksteren op één dag vallen (=iets wat nooit zal gebeuren)
- als twee honden vechten om een been loopt de derde ermee heen (=als twee mensen ruzie maken, profiteert een derde ervan.)
- als winnaar/beste uit de bus komen (=iets of iemand blijkt het beste te zijn)
- altijd brood eten verdriet ook. (=een mens wil ook eens een verzetje.)
- andere heren andere wetten (=nieuwe bazen willen nieuwe regels)
- andermans boeken zijn duister te lezen (=de toestand of bedoelingen van een ander zijn moeilijk in te schatten)
- angst is een slechte raadgever (=laat je niet leiden door angst. / Emoties zijn gevaarlijk)
- aprilletje zoet, heeft nog wel eens een witte hoed (=in het begin (de hoed) van april kan het nog wel eens sneeuwen)
- bakkerskinderen eten oud brood. (=aan het vak dat men uitoefent, besteedt men in zijn directe omgeving weinig aandacht.)
- balsem in de wonde gieten (=het leed verzachten)
- bang zijn zich aan koud water te branden (=erg voorzichtig zijn)
- bekend staan als de bonte hond met de blauwe staart (=berucht)
- belofte is een hemd der dwazen (=een nietszeggende belofte kan toch tijdelijk gelukkig maken)
- belofte maakt schuld (=als je iets beloofd hebt moet je dat ook nakomen)
- bergen kunnen verzetten (=veel taken kunnen verrichten; heel veel werk aankunnen)
- beslagen ten ijs komen (=goed voorbereid zijn)
- beter blode Jan dan dode Jan (=het is beter zich laf blood te gedragen, dan te sterven, dood te zijn)
- beter blooie Piet dan dooie Piet (=beter een aarzelend iemand dan iemand die ondoordacht handelt)
- beter een blind paard dan een leeg halster. (=beter iets dan niets)
- beter één ezel voor de ploeg dan twee paarden op stal. (=kiezen voor zekerheid.)
- beter een goede buur dan een verre vriend (=vriendschap op afstand is minder waardevol)
- beter een half ei dan een lege dop (=beter iets dan helemaal niets)
- beter één vogel in de hand dan tien in de lucht (=liever een beetje dan helemaal niets / kleine concrete resultaten zijn beter dan grootse plannen)
- beter ermee verlegen dan erom verlegen (=liever van iets te veel dan van iets te weinig hebben)
- beter hard geblazen dan de mond gebrand (=het is beter dat men zich inspant dan dat er door slordigheid of luiheid iets fout gaat)
- beter kleine meester dan grote knecht (=liever een bescheiden zelfstandige dan een grote knecht bij een baas)
- beter laat dan nooit (=het is beter dat iets een beetje te laat komt, dan dat het nooit gebeurt)
- beter onbegonnen dan ongeeindigd (=beter niet beginnen als men het niet kan afwerken)
- beter rapen aan eigen dis dan elders vlees of vis (=oost West thuis best)
- beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald (=je kan beter iets voortijdig stoppen dan doorgaan tot het helemaal verkeerd gaat)
- beter thuis rapen eten dan elders gebraad. (=thuis is het altijd nog het beste.)
- beter van een stad dan van een dorp (=beter dat een rijke betaalt dan een arme)
- bij de duivel te biecht gaan (=bij de vijand om raad gaan)
- bij de pakken neerzitten (=geen oplossing meer zoeken, niet meer verder doen)
- bij de tekst blijven (=bij het oorspronkelijke plan blijven)
- bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien (=bij gebrek aan het goedkope, het dure gebruiken)
- bij gebrek aan brood eet men korstjes van pasteien. (=bij gemis aan het gewone moet men zijn toevlucht soms wel tot iets duurders nemen.)
- bij kleine hapjes leert men een hond eten. (=geleidelijk aan kun je zelfs aan onmogelijke dingen wennen.)
- bij kleine lapjes leert men de hond leer eten. (=geleidelijk aan wen je zelfs aan de onmogelijkste dingen.)
- binnen de kortste keren (=heel snel, bijna onmiddellijk)
- bitter in de mond maakt het hart gezond (=ook wat minder aangenaam is, kan gezond of goed zijn)
2193 betekenissen bevatten `te`
- buiten de kerf gaan (=als iets te ver gaat)
- eén kwade dag maakt de winter niet. (=als iets verkeerd gaat, hoeft nog niet alles verkeerd te gaan.)
- lieg ik, dan lieg ik in commissie (=als ik niet de waarheid vertel komt dat omdat ik niet beter weet of vertel wat anderen vertellen)
- als honden konden bidden zou het kluiven regenen (=als is een niet ter zake doende opmerking)
- je kan niet alle meisjes haten om één (=als je bent getrouwd wilt dat niet zeggen dat vrouwen je niet meer interesseren)
- wie zijn ogen sluit, waant zich in Rome (=als je de realiteit negeert, ben je niet bewust van wat er werkelijk gaande is.)
- laat je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet (=als je een ander geld geeft kun je dat beter stilhouden want anderen hoeven het niet te weten)
- wie kaatst kan/moet de bal verwachten (=als je een ander plaagt, kun je verwachten dat die jou terug gaat plagen)
- gedeeld geheim, verloren geheim. (=als je een geheim doorvertelt is het geen geheim meer)
- gaan doet komen (=als je ergens moeite voor doet komen dingen ook jouw kant op)
- wie het dichtst bij het vuur zit, warmt zich het meest (=als je ergens nauw bij betrokken bent, geniet je het meeste voordeel ervan)
- opgestaan is plaats vergaan (=als je even wegloopt kan iemand anders op je stoel gaan zitten)
- wie niet wil, die niet zal (=als je geen interesse hebt, moet je er ook geen deel van uitmaken)
- wie appelen vaart, die appelen eet (=als je handelt in bepaalde goederen, dan zul je deze zelf waarschijnlijk ook gebruiken. / Iemand die bepaalde werkzaamheden voor een ander moet verrichten, geniet daar doorgaans zelf ook van)
- een spiering is vis als er anders niet is (=als je honger hebt, ben je niet kieskeurig / bij gebrek aan beter)
- elke dag een draadje is een hemdsmouw in een jaar (=als je iedere dag een beetje doet komt het karwei uiteindelijk klaar)
- allemans vriend is allemans gek. (=als je iedereen te vriend wil houden, zal men misbruik van je maken.)
- ongevraagd, ongeweigerd (=als je iets doet waarvoor geen toestemming is gevraagd kan het achteraf niet meer geweigerd worden omdat het al gebeurd is)
- van uitstel komt afstel (=als je iets niet meteen doet, loop je het risico dat het nooit meer gebeurt)
- uitstel is geen afstel (=als je iets uitstelt wil dat nog niet zeggen dat je het nooit meer gaat doen)
- jong te paard, oud te voet (=als je in je jeugd erg wordt verwend, krijg je het later erg moeilijk)
- in de nood eet de duivel vliegen. (=als je in nood verkeert, stel je je tevreden met dingen die je anders zou weigeren.)
- wee de wolf die in een kwaad gerucht staat (=als je je goede naam verliest is die haast niet terug te winnen)
- hoop doet leven (=als je kan hopen op betere tijden, dan krijg je toch weer levenslust / zo lang je nog hoop hebt zijn er ook nog mogelijkheden)
- alle havens schutten wind (=als je meedoet deel je mee in de winsten)
- gereed geld dingt scherp. (=als je meteen betaalt gaat de verkoop sneller)
- een geplaveide weg is des duivels oorkussen (=als je niets doet en lui bent, doe je ook niks goeds / mensen die zich vervelen omdat ze niets te doen hebben, kunnen tot de slechts dingen komen daardoor)
- wie gekheid zaait zal dwaasheid oogsten. (=als je ongebruikelijke dingen doet krijg je ook ongebruikelijke resultaten)
- gedeelde smart is halve smart (=als je over problemen praat, dan kan je het makkelijker verwerken / door de problemen/ellende van een ander is het gemakkelijker de eigen problemen/ellende te dragen)
- kalmte zal je redden (=als je rustig blijft gaan de dingen beter)
- de liefde kan niet van één kant komen (=als je samen iets doet zal ieder moeten bijdragen)
- als de kan vol is, loopt zij over. (=als je te veel drinkt komt het er weer uit)
- wie zijn klomp breekt, schiet gemakkelijk uit zijn slof (=als je wordt teleurgesteld, kun je gemakkelijk boos worden)
- wie geeft wat hij heeft, is waard dat hij leeft (=als je zoveel geeft zoveel je kunt, dan kan niemand je iets verwijten)
- wat het huis verliest, brengt het weer terug (=als men iets in huis zoek maakt, komt het meestal vanzelf weer tevoorschijn)
- de kruik gaat zo lang te water tot ze barst/breekt (=als men steeds risico`s blijft nemen, gaat het een keer mis)
- men moet de schapen scheren maar niet villen (=als men uit hebberigheid de inkomstenbron opoffert heeft men niets meer voor in de toekomst)
- de appel wegdragen/winnen (=als schoonste erkend worden)
- iemand in de buik straffen. (=als straf geen eten geven.)
- als twee honden vechten om een been loopt de derde ermee heen (=als twee mensen ruzie maken, profiteert een derde ervan.)
- wanneer twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen (=als twee strijdende personen of partijen zich richten op elkaar, kan een ander daarvan profiteren door zich datgene toe te eigenen waar om gestreden wordt)
- haar wil is wet (=als wat zij wil niet gebeurt, dan ontstaan er grote conflicten)
- zitten alsof men een luis in zijn oor heeft (=alsof hij door zijn geweten beschuldigd wordt)
- het is altijd koekoek éénzang (=altijd hetzelfde verhaal vertellen of zelfde voorbeeld geven)
- met alle winden waaien (=altijd iedereen gelijk geven / door alles en iedereen laten beïnvloeden)
- draaien als een molen (=altijd meegaan met de heersende mening - naar de mond van de toehoorder praten)
- een bodemloos vat zijn (=altijd te weinig van iets zijn of opraken)
- niets dan wonden en builen zoeken (=altijd willen vechten)
- in een andere vorm gieten (=anders voorstellen)
- als de armoede binnenkomt vliegt de liefde het venster uit (=armoede betekent vaak het einde van vriendschappen en relaties)
50 dialectgezegden bevatten `te`
- 't is presies un eilig zauntsjen (=dit kind lijkt op deze foto zeer braaf te zijn) (Lokers)
- 't is stoer de olle mens oaf te schudd'n (=ingesleten gewoontes zijn moeilijk af te leren) (Westerkwartiers)
- 't is te kloar (=er is teveel licht) (Kaprijks)
- 't is te zien oe da zèn muts stot (=het is af te wachten of hij goed gezind is) (Sint-Niklaas)
- 't is uitgekommen (=te voorschijn komen; iets vinden; de waarheid kennen) (Sint-Niklaas)
- 't is weer om 'n aarvenis te verdeel'n (=het is weer om binnen te blijven) (Westerkwartiers)
- 't Ken te gek ôk! (=Dit gaat me te ver!) (Westfries)
- 't keultj aaf songer te blaoze (=de liefde tussen man en vrouw verkoelt ongemerkt) (Weerts)
- 't komt al te peirde en 't goat te voeddu deure (=herstel kan lang duren) (Waarschoots)
- 't komt te pjeit ma 't goat te vut (=je hebt het rap zitten, maar je geraakt er niet gemakkelijk van af) (Mols)
- 't kot was te klein (=er was grote ruzie) (Tiens)
- 't kot za were te klêënne zijn (=dat zal niet in goede aarde vallen) (Kaprijks)
- 't ku begunn goan, wi! (='t Wordt me te veel hoor!) (Veurns)
- 't kump nie zoe na (=het hoeft niet perfect te zijn) (Munsterbilzen - Minsters)
- 't Kwam mij dwars veur de hals te zitten (=Ik kon het niet door de keel krijgen) (Drents)
- 't Laeve det wae te kort vinje bestuit meistal oet daag diej wae te langk vinje! (=Het leven dat wij te kort vinden bestaat grotendeels uit dagen die wij te lang vinden!) (Kinroois)
- 't leaven is as 'n keenderhèèmd, mest'ntieds te kort (=het leven is als een kinderhemdje, meestal te kort) (Twents)
- 't leste schip moet ok vracht hemm'm (=je hoeft je niet altijd te haasten) (Westerkwartiers)
- 't liep de spuigoat'n uut (=het was veel te erg) (Westerkwartiers)
- 't lopt over te veul schiev'm (=er zijn te veel personen die er over gaan) (Westerkwartiers)
- 't mis mooi weer om 'n aarfenis te verdeel'n (=als het buiten somber weer is :) (Westerkwartiers)
- 't mos groeit tusse m'n benen, ik staat hier wortel te schiete (=ik sta hier al heel lang te wachten) (Rotterdams)
- 't ooëi lopt achter de vorke (=dat meisje loopt te veel een jongen achterna) (Veurns)
- 't schaup es de preut af (=er is niets meer aan te doen) (Moes)
- 't schiw te wjèrelt nie (=het scheelt echt niet veel) (Kaprijks)
- 't schoap is de preut af (=daar is niks meer aan te doen, het is gedaan) (Sint-Niklaas)
- 't Staot te regene. (=Het regent.) (Roosendaals)
- 't stoa woadre in zijne keldre (=zijn broek is te kort) (Ursels)
- 't stoa woater ih' zijne kaawdere (=zijn broek is te kort) (Eekloos)
- 't stoa woater in zijne kelder; zein broek ë onder den tram gezétne (=zijn broek is te kort) (Oudenaards)
- 't stoa woatre in zijne keldre (=zijn broek is te kort) (Waregems)
- 't vaalt niet met olle voss'n te vang'n (=ouderen met veel ervaring vang je niet snel) (Westerkwartiers)
- 't vatj es van de soep (=het beste is voorbij, er valt niet veel meer te halen) (Meers)
- 't was te paezen (=dat kon je voorzien) (Wichels)
- 't was te peizen (=het was te denken) (Erps)
- 't was van te moeten (=snel huwelijk door zwangerschap) (Sint-Niklaas)
- 't wèrd te weirem onder zè gat (=hij voelde zich niet meer veilig) (Meers)
- 't woater in de moûr begint te zoûn (broebelen) (=het water in de ketel begint te koken) (Sint-Niklaas)
- 't wois 't wachtn wjeiërd (=het was de moeite om erop te wachten) (Kaprijks)
- 't zèen uir aegn luiz'n 'die uir bèet'n (=ze hebben het aan zichzelf te danken) (Wichels)
- 't zeker hoog watter (=broek met te korte pijpen) (Liessents)
- 't zwore wark mu-j peerd loatn doe en veur 't lichte mu-j oe waren. (=oppassen dat je niet te veel doet) (Vechtdals)
- 'tès ammel get, zaag Bet, en ze hoch twei jing on één T. (=het is beter op iemand dan op niemand te moeten wachten) (Munsterbilzen - Minsters)
- ‘n ure is hin kakstôêl (=Het duurt te lang) (Zeeuws)
- ‘t is schrieëmn zonder troaënn (=hij zit te janken) (Kaprijks)
- ‘t is vo jen ogen ut te blèt’n (=Dat is heel triest) (Iepers)
- ‘t Waerdje hoeag tied óm heives te gaon. (=Het wordt hoog tijd om naar huis te gaan.) (Beegdens)
- ‘tsa wa zwoaën os ge tuis komt (=voor iemand die te laat naar huis gaat) (Kaprijks)
- ’t Is amal da niet, ’t es da kind zonder huefd da langs zijn poepken pap moe eedn. (=Dat is niet erg, er zijn veel moeilijker op te lossen problemen.) (Evergems)
- ' k è me oan èm mispakt (=te leur gesteld zijn in iemand) (Sint-Niklaas)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen