30251Roem is als een laatbloeiende plant, die het liefst en het best op kerkhoven groeit.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30251![]()
Roem is als een laatbloeiende plant, die het liefst en het best op kerkhoven groeit.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30252![]()
30253![]()
Roem volgt een zó smal pad dat er niet meer dan één voorop kan gaan.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30254![]()
Schoonheid wordt door het oog gekocht en niet aan de man gebracht door ordinaire koopmanspraat.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30255![]()
Wat is eer? Een woord. Wat zit er in dat woord? Lucht.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30256![]()
Schoonheid zal eerder eerlijkheid vervormen tot een hoer, dan dat eerlijkheid schoonheid kan veranderen in haar evenbeeld.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30257![]()
30258![]()
Sinds het klein beetje verstand dat dwazen hebben het zwijgen werd opgelegd loopt het kleine beetje dwaasheid dat wijzen hebben behoorlijk in de gaten.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30259![]()
30260![]()
Sla de stem van de advocaat met schorheid, dat hij nooit meer onrecht kan bepleiten en spitsvondige leugens krijsen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30261![]()
Wat je niet kunt bekomen als je dat wilt,
William Shakespeare (1564-1616)
moet je zien te krijgen als je het kunt.
Engels toneelauteur
30262![]()
Slaap, zoete slaap, zachte zorgster van de natuur.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30263![]()
30264![]()
30265![]()
Wat komen vrienden moeilijk tot elkaar; terwijl zelfs bergen, als een aardbeving ze verzet, nog op elkaar botsen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30266![]()
30267![]()
Snelheid wordt nooit méér bewonderd dan door wie nalatig is!
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30268![]()
Wat wij bij laag volk als geduld betitelen
William Shakespeare (1564-1616)
Is lafheid, bleek en koud, in edele harten.
Engels toneelauteur
30269![]()
30270![]()
Wat ze beleefdheid noemen is doorgaans niet meer dan de ontmoeting tussen twee bavianen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30271![]()
Soms weert een vrouw af wat zij het meest begeert.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30272![]()
30273![]()
30274![]()
We mogen de rechtmatigheid van een daad niet meten aan de goede of slechte afloop.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30275![]()
Wee rust zwaarder dààr
William Shakespeare (1564-1616)
Waar het de zwakheid van de drager merkt.
Engels toneelauteur
30276![]()
Strijdend sterven is een dood die dood doodt,
William Shakespeare (1564-1616)
Maar vrezend doodgaan slaafse ademnood.
Engels toneelauteur
30277![]()
Stuur hém niet die zijn weg zelf kiezen wil:
William Shakespeare (1564-1616)
`t Is adem, die je niet eens hebt, verspild.
Engels toneelauteur
30278![]()
Wees eerlijk tegenover jezelf, dan kun je tegen niemand oneerlijk zijn.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30279![]()
Tappen is een goed ambacht: uit een oude rok maak je soms nog een goed wambuis; uit een verweerde dienaar een montere tapper.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30280![]()
30281![]()
Te laat komt raad om nog gehoord te worden,
William Shakespeare (1564-1616)
Waar drift het wikkende verstand verstoot.
Engels toneelauteur
30282![]()
Weinigen horen graag de zonden vernoemen die ze zelf graag zouden bedrijven.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30283![]()
30284![]()
Welke rijkdom won ooit een pluizer dan boekenwijsheid uit een anders brein?
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30285![]()
Treurgezangen die vals van klank zijn, zijn nog erger dan priesters die liegen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30286![]()
Wenen met hen die wenen brengt wel troost, maar smart die wordt gehoond is dubbele dood.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30287![]()
Troost is bij God en wij zijn op de aarde,
William Shakespeare (1564-1616)
Waar niets dan kruis en zorg en kommer woont.
Engels toneelauteur
30288![]()
30289![]()
30290![]()
Trots kan alleen door trots genezen worden; onderdanigheid maakt hem alleen maar erger.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30291![]()
30292![]()
30293![]()
30294![]()
Zalig, wie, hoe nederig, hun bescheiden wens vervuld zien, tot troost in het leven.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30295![]()
Ze zeggen dat ook lage zielen als ze verliefd zijn iets edels in hun natuur krijgen dat hun niet is aangeboren.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30296![]()
30297![]()
Ziekte verwaarloost doorgaans al de plichten waartoe gezondheid noopt.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30298![]()
Zij die zich voeden met haat en kuiperijen durven ook de besten bijten.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30299![]()
Zijn afkomst, schoonheid, mannelijkheid, welbespraaktheid, hoffelijkheid, vrijmoedigheid, dapperheid jeugd en dergelijke meer, niet de specerijen die een man pittig maken?
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30300![]()

