30201Je geeft verdienste geen naam voor zij geboren is, en als zij geboren is, moet haar naam bescheiden zijn.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30201![]()
Je geeft verdienste geen naam voor zij geboren is, en als zij geboren is, moet haar naam bescheiden zijn.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30202![]()
Je pleegt verraad jegens je eigen vriend,
William Shakespeare (1564-1616)
Indien je hem gekrenkt acht, maar zijn oor
Vervreemdt van je gedachten.
Engels toneelauteur
30203![]()
Je wordt omringd door de vleiers die je verdient.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30204![]()
Juist zoals overdaad veel vasten teelt, wordt elke vrijheid, al te zeer misbruikt, verkeerd in dwang.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30205![]()
30206![]()
Kleine maaltijden met een groots onthaal groeien uit tot grootse festijnen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30207![]()
30208![]()
30209![]()
Kon ieder maar, als enkelen schijnen, zijn:
William Shakespeare (1564-1616)
Van zonde vrij, en die weer vrij van schijn!
Engels toneelauteur
30210![]()
Kwaad wordt met kwaad vergolden, eer met eer,
William Shakespeare (1564-1616)
Recht vraagt om recht, en daarom Leer om Leer.
Engels toneelauteur
30211![]()
30212![]()
Laat komen wat wil
William Shakespeare (1564-1616)
Ook de ergste dag gaat voorbij.
Engels toneelauteur
30213![]()
Laffe honden blaffen het hardst als het bedreigde wild ver voor ze uitloopt.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30214![]()
Laster laat men als een erfenis na,
William Shakespeare (1564-1616)
Hij brengt het nageslacht nog schande en scha.
Engels toneelauteur
30215![]()
Leer je mond niet die hoon, want ze is voor kussen geschapen.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30216![]()
Lelijkheid is bij een duivel minder afschuwelijk dan bij een vrouw.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30217![]()
Liefde is als een kind dat smacht naar alles wat onbereikbaar is.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30218![]()
Liefde is een kind, dat geen vers echt goed beschrijft,
William Shakespeare (1564-1616)
want iets is niet volgroeid dat groeien blijft.
Engels toneelauteur
30219![]()
30220![]()
Liever een geestige dwaas dan een dwaze geestigheid.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30221![]()
Liever een gek die me gelukkig maakt dan een ervaring die me triestig stemt.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30222![]()
Liever één met de dode die we omwille van ònze rust zijn rust hebben bezorgd, dan op de pijnbank van de ziel te krampen, in foltering en kwelling zonder eind.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30223![]()
Liever heb ik dat de wijn mijn lever gloeien laat dan dat van klagen en dodelijk gekreun mijn hart verkilt.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30224![]()
30225![]()
Tweemaal `pardon` maakt het niet half gemeend,
William Shakespeare (1564-1616)
Maar ééns zo sterk.
Engels toneelauteur
30226![]()
Twist over `nodig` niet; de laagste pauper
William Shakespeare (1564-1616)
Kent in het allerarmste overvloed.
Engels toneelauteur
30227![]()
Vaak slaat de vrees voor rampen dieper wonden dan zeker weten; want, als men ze kent, kàn het te laat zijn, ja, maar tijdig weten brengt vaak nog redding.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30228![]()
Veel beter kan je spelen met een welp
William Shakespeare (1564-1616)
dan met een oude leeuw die sterven gaat.
Engels toneelauteur
30229![]()
Veel hebben bekeken en niets bezitten, dat is nog eens rijke ogen en arme handen hebben.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30230![]()
30231![]()
Verborgen leed, als een verstopte oven,
William Shakespeare (1564-1616)
Verbrandt het hart, waarin het woont, tot as.
Engels toneelauteur
30232![]()
Verdriet ontregelt tijd en slapensuur,
William Shakespeare (1564-1616)
Maakt dag van duisternis, en nacht van licht.
Engels toneelauteur
30233![]()
30234![]()
30235![]()
30236![]()
Verliefden worden in hun liefdesspel
William Shakespeare (1564-1616)
door hun eigen schoonheid verlicht.
Engels toneelauteur
30237![]()
Vermoeidheid snurkt ook op de hardste rots, en lome luiheid vindt donzen bedden hard.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30238![]()
30239![]()
Verstandig blijven en liefhebben
William Shakespeare (1564-1616)
Overstijgen de mogelijkheden van de mens.
Engels toneelauteur
30240![]()
Volharden in halsstarrig klagen is een uiting van onmannelijk verdriet, zondig verzet.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30241![]()
Volharden in onrecht kan het onrecht niet verkleinen, het wordt er groter door.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30242![]()
Voor pleziertjes moet betaald worden, vroeg of laat.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30243![]()
Voor sommigen zijn talenten niet meer dan vijanden.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30244![]()
Vorsten dienen te zijn
William Shakespeare (1564-1616)
Als goden, mild voor wie ze eer bewijst.
Engels toneelauteur
30245![]()
Vrede dale op uw stof,
William Shakespeare (1564-1616)
En het graf verkonde uw lof!
Engels toneelauteur
30246![]()
Vriendschap is trouw in alles, behalve in zaken en de liefde.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30247![]()
30248![]()
Vrouwen zijn als rozen: is hun bloem eenmaal ontloken, `t is meteen hun val.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30249![]()
Vuur doet vloeistof borrelen tot ze overkookt, en zo verspilt het wat het schijnbaar meerde.
William Shakespeare (1564-1616)
Engels toneelauteur
30250![]()
Mededogen is de deugd van de wet.
William Shakespeare (1564-1616)
Alleen tirannen kennen geen erbarmen.
Engels toneelauteur

