• schitteren door afwezigheid (=ergens niet aanwezig zijn, terwijl je komst wel verwacht werd) • je wezenloos schrikken (=erg schrikken) • het zal me worstwezen (=het maakt voor mij geen enkel verschil) • het zal je kind maar wezen (=je zal er maar voor op moeten draaien) • dat zal mij een zorg wezen (=daar trek ik me niets van aan) Toon alle 6 spreekwoorden die wez bevatten