vrije als dialectwoord
verkering hebben (Veussels)   verkeren (Heusdens)   verkeren (Zolders)   verkeren (Lummens)   verkering hebben (Kerkraads)   tongzoenen (Riekevorts)  
Toon alle 9 dialectwoorden

Spreekwoorden en zegswijzen
• iemand de vrije teugel laten. (=iemand zijn eigen gang laten gaan)
• iemand de vrije hand geven (=iemand geheel vrij laten in de wijze waarop hij een opdracht uitvoert)
Naar de spreekwoorden

3 definities op Encyclo
  • • [decl] van vrij. (+audio)
  • [Vergeten woorden] (v.) belangrijke Germaanse godin, vrouwe van liefde, schoonheid en vruchtbaarheid [= IJslands Frigg, in vrijdag, van vrij ‘eigen; geliefd’]
  • 1) Niet-slaaf 2) Beschikbare 3) Vrijgeborene 4) Het open veld
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met vrije:
vrije dagvrije indirecte redevrije marktvrije-uitloopkipvrije-uitloopoudervrijeberoepsbeoefenaarvrijelijkvrijemarkteconomievrijenvrijervrijerigvrijerijvrijersvoetenvrijeschoolvrijetijdsactiviteitvrijetijdsbestedingvrijetijdskledingvrijetijdskundevrijetijdsprobleemvrijetijdssamenleving
Toon alle woorden die beginnen met vrije

Op andere websites
Zoek vrije in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek vrije op Google
Zoek vrije op Woordenlijst.org
Zoek vrije in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek vrije op Wikipedia