• voor iemand kruipen (=van iemand schrik hebben , slaafs alles doen wat hij vraagt) • onder de wol kruipen (=naar bed gaan) • in zijn schulp kruipen (=zich in zichzelf terugtrekken, niet verder aandringen) • in iemands huid kruipen (=zich in een ander verplaatsen) • door het oog van de naald kruipen (=op het nippertje ontsnappen) Toon alle 6 spreekwoorden die ruipen bevatten