zwartzijden

bijv.naamw.

1) van zwarte zijde vervaardigd
Voorbeeld:  `Zij droeg een sierlijk zwartzijden gewaad.`

2) tweede betekenisomschrijving
Voorbeeld:  `Zin met het zwartzijden in de tweede betekenis erin.`


Bron: WikiWoordenboek.