de windkracht

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  ['wɪntkrɑxt]
Verbuigingen:  windkracht|en (meerv.)

1) sterkte van de wind
Voorbeelden:  `De windkracht wordt uitgedrukt in de schaal van Beaufort, die de windkracht baseerde op de hoeveelheid zeil die een groot schip kon voeren.`,
`Bij windkracht 12 is sprake van een orkaan, bij windkracht 9 van storm.`

2) energie uit wind
Voorbeeld:  `Windkracht laat deze turbines functioneren.`
Synoniem:  windenergie

© Kernerman Dictionaries.

8 definities op Encyclo
  1. De windkracht is de kracht die de wind uitoefent uitgedrukt in eenheden volgens de schaal van Beaufort, een schaal van 0 tot 12. De Ierse admiraal Sir Francis Beaufort ba...
  2. De druk in kilogrammen, die de wind per vierkante meter uitoefent. Men geeft de windkracht aan met de van 1 tot 12 lopende schaal van Beaufort. Zie ook Beaufort.
  3. Def.: de typering voor de windsnelheid volgens de schaal van Beaufort waarbij de typering de gemiddelde windsnelheid gemeten in tien minuten is.
  4. Term die vooral in gebruik is bij de scheepvaart. Daarmee wordt de windsnelheid bedoeld, die doorgaans wordt aangegeven in waarden oplopend van 0 t-m 12 op de schaal van ...
  5. 1) Pneumatiek 2) Windsterkte
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met windkracht:
windkrachtmeter

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `windkracht`.