de werkwoordsvorm
zelfst.naamw. (m.)
| Uitspraak: | ['wɛrkwortsfɔrm] |
| Afbreekpatroon: | werk·woords·vorm |
| Verbuigingen: | werkwoordsvormen (meerv.) |
vorm die een werkwoord kan hebben door het te vervoegen | Voorbeeld: | `Werkwoordsvormen van vertellen zijn 'vertel', 'vertelt', 'vertellen', 'vertelde', 'vertelden', 'verteld', 'vertellend'.` | |
1 definitie op Encyclo
Toon uitgebreidere definitiesTaaladvies
Moet in een samengestelde zin een komma staan tussen twee werkwoordsvormen die niet tot hetzelfde gezegde behoren?
Zie Komma tussen twee werkwoordsvormenVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de werkwoordsvorm' of 'het werkwoordsvorm'?
Het is 'de werkwoordsvorm', want werkwoordsvorm is mannelijk. Als je het aanwijst is het 'die werkwoordsvorm'.
Wat is het meervoud van werkwoordsvorm?
Het meervoud van werkwoordsvorm is 'werkwoordsvormen'. Eén werkwoordsvorm, twee werkwoordsvormen.
Wat betekent werkwoordsvorm?
'vorm die een werkwoord kan hebben door het te vervoegen'
Hoe spel je werkwoordsvorm?
werkwoordsvorm spel je W E R K W O O R D S V O R M Op andere websites
Zoek werkwoordsvorm in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek werkwoordsvorm op
Google
Zoek werkwoordsvorm op
Woordenlijst.org
Zoek werkwoordsvorm in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek werkwoordsvorm op
Wikipedia