de walvis

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  ['wɑlvɪs]
Verbuigingen:  walvis|sen (meerv.)

groot zoogdier dat op een vis lijkt en in zee leeft dierkunde
Voorbeeld:  `walvisvangst`

© Kernerman Dictionaries.

Spreekwoorden en zegswijzen
• zitten te kijken als Jonas in de walvis (=erg benauwd zitten te kijken)
• hij kijkt als Jonas in de walvis (=hij zit benauwd te kijken)
Naar de spreekwoorden

11 definities op Encyclo
  1. walvisachtige Jaar van herkomst: 1163 (Taal en Tongval 12, 1999, 35ff )
  2. groot zoogdier dat in zee leeft vb: de walvis spoot water door een gat omhoog
  3. Wet administratie lastenverlichting en vereenvoudiging in socialeverzekeringswetten
  4. Het sterrenbeeld Walvis heeft nauwelijks heldere sterren. Het sterrenbeeld staat rechts van de Stier. Je kunt het in het najaar laag in het zuiden vinden. Eén van de ste...
  5. Wet administratieve lastenverlichting en vereenvoudiging in sociale verzekeringswetten
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met walvis:
walvisjagerwalvisjagerswalvisredderwalvisredderswalvissenwalvistraanwalvisvangst

Deze woorden eindigen op walvis:
grijze walvisgrote poolwalvisarctische walvisGroenlandse walviszwaardwalvis

Herkomst volgens etymologiebank.nl
walvis (zeezoogdier van de orde Cetacea)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `walvis` kennen.