de vliegtuigbouwkunde
zelfst.naamw. (v.)
kennis van het ontwerpen en bouwen van vliegtuigen Bron: WikiWoordenboek.
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Is het 'de vliegtuigbouwkunde' of 'het vliegtuigbouwkunde'?
Het is 'de vliegtuigbouwkunde', want vliegtuigbouwkunde is vrouwelijk. Als je het aanwijst is het 'die vliegtuigbouwkunde'.
Wat betekent vliegtuigbouwkunde?
'kennis van het ontwerpen en bouwen van vliegtuigen'
Hoe spel je vliegtuigbouwkunde?
vliegtuigbouwkunde spel je V L I E G T U I G B O U W K U N D E Op andere websites
Zoek vliegtuigbouwkunde in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek vliegtuigbouwkunde op
Google
Zoek vliegtuigbouwkunde op
Woordenlijst.org
Zoek vliegtuigbouwkunde in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek vliegtuigbouwkunde op
Wikipedia