de valsheid

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  ['vɑlshɛit]

het vals zijn (van iets of iemand)
Voorbeelden:  `de valsheid hebben iemand te belazeren`,
`de valsheid van nagemaakte designproducten`
valsheid in geschrifte  (het opzettelijk foute gegevens zetten in officiële stukken) `iemand valsheid in geschrifte ten laste leggen`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
gemeenheid gemene streek onechtheid vuile truc vuitruc eerlijkheid (antoniem)

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Bedrieglijkheid 2) Detonatie 3) Dubbeltongigheid 4) Fraude 5) Gemeenheid 6) Geveinsdheid 7) Huichelarij 8) Karaktereigenschap 9) Laagheid 10) Onechtheid 11) Oneerlijkh...
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `valsheid`.