Spreekwoorden en zegswijzen
• al zijn pa
tronen verschieten
(=alle mogelijkheden uitproberen)Naar de spreekwoorden7 definities op Encyclo
- 'Tronen' (Grieks: θρόνοι, 'thronoi'), 'ofanim' (Hebreeuws: אוֹפַנִּים '’ōphannīm', 'wielen') of 'galgallim' (Hebreeuws: גַּלְגַּלִּים, 'galgallim', 'sferen', 'wielen', 'wervelwinden') zijn in joodse en christelijke literatuur hemelse wezens.
- op een vorstelijke manier, breeduit zitten vb: hij troonde helemaal op de eerste rij
- 1) Heersen 2) De troon bezetten 3) Zetelen 4) Hoog zetelen 5) Breeduit zitten 6) Op een troon zitten 7) Meelokken 8) Als op een troon zitten 9) Engel 10) Verleiden
- lokken (toon de herkomst via de etymologiebank)
- meelokken Jaar van herkomst: 1501-1525 (MNW )
Toon uitgebreidere definitiesDeze woorden eindigen op tronen:
•
rolpatronenHerkomst volgens etymologiebank.nl
- tronen (lokken)
- tronen (op een troon zitten)
Op andere websites
Zoek tronen in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek tronen op
Google
Zoek tronen op
Woordenlijst.org
Zoek tronen in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek tronen op
Wikipedia