Spreekwoorden en zegswijzen
• uitgeteld zijn (=vermoeid zijn, niet meer verder kunnen)
• uitgesteld is niet vergeten. (=uitstel is nog geen afstel)
• getelde schapen lopen het hok uit. (=exact alles van tevoren weten)
• dat zit gebeiteld (=dat komt in orde)
• als David zijn volk telde verloor hij de strijd (=tel de winst pas uit bij het einde van de strijd)
Naar de spreekwoorden

1 definitie op Encyclo
  • [Vergeten woorden] (o.) tent [= Duits zelt, Noors tjeld, IJslands tjaldur, van telden ‘bedekken’]
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met teld:
teldagteldatum

Deze woorden eindigen op teld:
gekunsteldgesetteldgetiteldongesteldtegengesteldtegenovergesteldteleurgestelduitgeteldvooropgesteldwelgestelddiepgeworteldwelgeteldversteldontsteldongeteldongekunsteldingeworteldingesteldgesteldgeworteld

Op andere websites
Zoek teld in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek teld op Google
Zoek teld op Woordenlijst.org
Zoek teld in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek teld op Wikipedia