de succesperiode

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [sʏk'sɛsperijodə]

periode waarin iets of iemand goede resultaten behaalt
Voorbeelden:  `de grote succesperiode van Prince`,
`De club kende een succesperiode van twee decennia, maar zakte daarna weg.`

© Kernerman Dictionaries.