de stukadoor

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [styka'dor]
Verbuigingen:  stukadoor|s (meerv.)

iemand die als beroep pleisterwerk aanbrengt, vooral op muren en plafonds
Voorbeeld:  `De stukadoor laten komen voor het stucwerk.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
stucwerker

7 definities op Encyclo
  1. wie muren en plafonds glad maakt met gips vb: de stukadoor moest komen om de wanden af te werken
  2. • [beroep] een bouwvakker die een afwerklaag van specie (of mortel) op muur
  3. [Techniek] Vakman die muren bepleistert
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (...oren, -s), werkman die in gips (op muren en plafonds) werkt; kunstwerker in natten kalk. ~SWERK, o. (-en).
  5. 1) Ambachtsman 2) Beroep 3) Beroep in de bouw 4) Bouwarbeider 5) Bouwvakarbeider 6) Bouwvakker 7) Plafondmaker 8) Plafondwerker 9) Plakker 10) Pleisteraar 11) Pleisterwer...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stukadoor:
stukadoordestukadoordenstukadoorsstukadoort

Herkomst volgens etymologiebank.nl
stukadoor (aanbrenger van pleisterwerk)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `stukadoor`.