het stigma

zelfst.naamw.
Uitspraak:  ['stɪxma]
Verbuigingen:  stigma|'s, sigma|ta (meerv.)

1) slechte reputatie
Voorbeeld:  `het stigma van een leugenaar dragen`
Synoniemen:  stempel, brandmerk

2) wonden van Jezus bij de kruisiging, of wonden die optreden bij christelijke religieuzen op de plaatsen van Jezus' verwondingen religie
Voorbeeld:  `Het ontvangen van stigmata wordt als een wonder beschouwd.`

3) bovenste gedeelte van de stamper van een bloem plantkunde
Voorbeeld:  `Het stigma is kleverig en neemt het stuifmeel op.`
Synoniem:  stempel

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
brandmerk eigenschap karakteristiek karaktertrek kenmerk merkteken wondteken van Christus

17 definities op Encyclo
  1. [Maatschappijwetenschappen] brandmerk
  2. Uitwendige opening van de trachea bij insecten.
  3. Stigma's zijn wonden die bij een persoon aan de handen, voeten en soms op de zijkant van het hoofd verschijnen en identiek zouden zijn aan de wonden van Christus bij de k...
  4. Let op: Spelling van 1858 een punt, stip, teeken, likteeken; ook een merkteeken, brandmerk, hetwelk de Ouden den nieuw aangeworvenen soldaten en den slaven, die zich aan ...
  5. (Engels) Het bloemdeel, dat ontvankelijk is voor het stuifmeel, bij orchideeën gewoonlijk de kleverige holte aan de onderzijde van de kolom.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stigma:
stigmatisatiestigmatisatiesstigmatiseerstigmatiseerdestigmatiseerdenstigmatiseertstigmatiseren

Herkomst volgens etymologiebank.nl
stigma (merkteken van Christus ; schandvlek)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `stigma`.