de stage

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ˈstaʒə]
Verbuigingen:  stage|s (meerv.)

onderdeel van een opleiding waarin je de praktijk leert
Voorbeelden:  `stage lopen in een restaurant`,
`drie maanden in Paramaribo zitten voor je stage`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
leertijd

Spreekwoorden en zegswijzen
• de gestage drup holt de steen (uit). (=door het vol te houden wordt uitwindelijk wel het doel bereikt)
Naar de spreekwoorden

10 definities op Encyclo
  1. Mbo-opleidingen worden aangeboden in twee varianten: de beroepsopleidende leerweg (bol) en de beroepsbegeleidende leerweg (bbl). Een leerling die zijn opleiding in de bol...
  2. buitenschools leerarrangement dat als leerbron bijdraagt aan het verwerven van beroepscompetenties.
  3. Het werk dat je doet als deel van je opleiding.
  4. (= Podium)Eng.
  5. Tijdens je studie doe je praktijkervaring op door bij bedrijven, instellingen of organisaties 'stage te lopen'. In deze periode voer je een stage- of afstudeeropdracht ui...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met stage:
stagebegeleiderstagedestagedenstagedivestagedivedestagedivedenstagedivenstagediversstagedivetstagegeldstagenstageplaatsstageplaatsenstagerapportenstagerenstagesstagetstagevergoeding

Deze woorden eindigen op stage:
backstageadjustagesnuffelstagepraktijkstage

Herkomst volgens etymologiebank.nl
stage (opleidingsperiode in de praktijk)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 100% van de Vlamingen het woord `stage`.