sproeien

werkw.
Uitspraak:  [ˈsprujə(n)]
Vervoegingen:  sproeide (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gesproeid (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

(een vloeistof) in straaltjes of druppeltjes verspreiden
Voorbeeld:  `de tuin sproeien als het lang niet geregend heeft`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
begieten besproeien bespuiten bevloeien bevochtigen gieten wateren

5 definities op Encyclo
  1. het in veel fijne druppels over iets heen gooien vb: als het droog is, moet je de tuin sproeien
  2. •een vloestof in fijne druppeltjes op iets spuiten.
  3. 1) Aangieten 2) Begieten 3) Besproeien 4) Bespuiten 5) Bevloeien 6) Bevochtigen 7) Gieten 8) Nat maken 9) Natmaken 10) Regenen 11) Sirammen (ind.) 12) Sprayen 13) Sprenke...
  4. Term voor het aanbrengen van antismetpoeder op drukwerk.
  5. in fijne stralen uitstorten Jaar van herkomst: 1657 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op sproeien:
besproeien

Herkomst volgens etymologiebank.nl
sproeien (in fijne stralen uitstorten)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `sproeien`.