sprake

Uitspraak:  [ˈsprakə]
Afbreekpatroon:  spra·ke

1)
ter sprake brengen  (gaan praten over (iets of iemand))

2)
er is sprake van  (het gaat om (iets)) `Hier moet sprake zijn van politieke spelletjes.` Synoniem: er is (iets) aan de hand

3)
Geen sprake van!  (<je zegt dit als je iets verbiedt>) Synoniem:


2 definities op Encyclo
  • 1) Spraak
  • spraak 1.uitdr.: Voorbeeld: aan iemand sprake geven over iets: spreken over Voorbeeld: Bij zichzelf en zonder aan de huisgenoten sprake te geven over zijn inzichten, had hij onderzocht en nagevraagd om beste lijnzaad te krijgen 2.uitdr.: Voorbeeld: in de sprake vallen: ter sprake gebracht wo...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met sprake:
sprakeloossprakeloosheid

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Hoe spel je sprake?
sprake spel je S P R A K E

Op andere websites
Zoek sprake in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek sprake op Google
Zoek sprake op Woordenlijst.org
Zoek sprake in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek sprake op Wikipedia