de schulp

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [sxʏlp]
Verbuigingen:  schulp|en (meerv.)

in je schulp kruipen  (niets meer zeggen doordat je je gewetst of onzeker voelt)
iemand uit zijn schulp lokken  (iemand proberen te overhalen om minder onzeker of verlegen te zijn)
uit je schulp kruipen  (je niet langer verlegen of onzeker opstellen)

© Kernerman Dictionaries.

Spreekwoorden en zegswijzen
• in zijn schulp kruipen (=zich in zichzelf terugtrekken, niet verder aandringen)
Naar de spreekwoorden

7 definities op Encyclo
  1. vrij vlakke houten of metalen afdekking van iets. a> luchtschelp. b> sluitstuk waarmee de braadspil in het schildboord opgesloten wordt.
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (-en), hoornachtige zelfstandigheid waarmede de schelpdieren omkleed zijn; [figuurlijk] in zijne - kruipen, achteruit krabben, zijn ...
  3. Spreekwoorden: (1914) In zijn schulp (of schelp) kruipen d.w.z. achteruitkrabben, bakzeil trekken; eig. gezegd van een slak of een ander schelpdier, dat zich uit vrees in...
  4. 1) Hol schepje 2) Schelp 3) Schelpvormig versiersel
  5. schelp hier: van mosselen.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met schulp:
schulpenschulplijnschulplijnenschulptschulpteschulpten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
schulp = schelp (schaal)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 89% van de Vlamingen het woord `schulp`.