ruimen

werkw.
Uitspraak:  ['rœymə(n)]
Vervoegingen:  ruimde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft, is geruimd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

1) opruimen of uit de weg ruimen
Voorbeelden:  `sneeuw ruimen met een schop`,
`Alle besmette geiten moesten worden geruimd.`,
`de tafel ruimen`

2) leeg- of schoonmaken
Voorbeelden:  `beken en grachten ruimen`,
`septische putten ruimen`

© Kernerman Dictionaries.

Spreekwoorden en zegswijzen
• het veld ruimen (=vertrekken om plaats te maken voor een ander)
• het krijt ruimen (=de strijd opgeven, weggaan)
Naar de spreekwoorden

10 definities op Encyclo
  1. Het draaien van de wind in de richting van de wijzers van de klok. In Nederland gebeurt dit vooral bij front passages en bij de nadering van een hogedruk gebied.
  2. zegt men, wanneer het loopend wild een bosch verlaat, waarin het door honden wordt achtervolgd. Ook van dassen en vossen, die voor de dashonden of van konijnen, die voor ...
  3. In het kader van georganiseerde dierziektenbestrijding alle dieren van een bedrijf euthanaseren, b.v. in het kader van varkenspest (z.o. eradicatie)..
  4. hem met opzet doden vb: ze hebben gedreigd hem uit de weg te ruimen Synoniemen: vermoorden elimineren liquideren het ergens zetten of leggen waar het niet in de weg ligt ...
  5. Verandering van de windrichting in de draairichting van de wijzers van de klok dus bijv. van West naar Noord.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op ruimen:
afruimenketelruimenontruimenopruimenpruimenscheepsruimenpuinruimenleegruimensneeuwruimentabakspruimenverruimenkruimenzuurpruimen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
ruimen

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `ruimen`.