polishen
werkw.
| Afbreekpatroon: | 'po - lis - hen |
| Herkomst: | «Engels |
| Vervoegingen: | polishte (verl.tijd ) |
| Vervoegingen: | gepolisht (volt.deelw.) |
oppoetsen, polijsten | Voorbeeld: | `na wassen, voorbereiden en polishen is de lak terug in goede conditie` | |
| Synoniem: | laten glanzen |
Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van polishen?
De verleden tijd van polishen is 'polishte'. Het voltooid deelwoord is 'gepolisht'.
Wat betekent polishen?
'oppoetsen, polijsten'
Hoe spel je polishen?
polishen spel je P O L I S H E N Op andere websites
Zoek polishen in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek polishen op
Google
Zoek polishen op
Woordenlijst.org
Zoek polishen in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek polishen op
Wikipedia