plekken als dialectwoord
plakken, kleven (Lebbeeks)   Plakken (Ewijk (Euiwwiks))   pleisteren (Heusdens)   bezetten (Geels)   plakken (Diems)   plakken (Winssens)  
Toon alle 15 dialectwoorden

2 definities op Encyclo
  • vlekken maken op iets - Voorbeeld: ‘Haar gelaat was afzichtelijk, opgezwollen en geplekt’
  • 1) Plaatsen
Toon uitgebreidere definities

Op andere websites
Zoek plekken in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek plekken op Google
Zoek plekken op Woordenlijst.org
Zoek plekken in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek plekken op Wikipedia