de passer

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ˈpɑsər]
Verbuigingen:  passer|s (meerv.)

apparaatje om cirkels mee te tekenen

© Kernerman Dictionaries.

17 definities op Encyclo
  1. instrumentje met twee benen waarmee je cirkels en bogen tekent vb: met zijn passer tekende hij een cirkel op zijn papier
  2. zie pasar.
  3. De sterrenkundige Nicolas-Louis de la Caille wilde kost wat kost de zuidelijke hemel een groter aantal sterren beelden rijker maken. Een klein gebied aan de zuidelijke he...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s), tweebeenig werktuig, meter. *...SEREN, [bedrijvend werkwoord] ow. [gelijkvloeiend] (ik passeerde, heb gepasseerd), doorbrenge...
  5. (Bargoens, 1914) duit, cent
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met passer:
passerellepasserellespasserenpassers

Deze woorden eindigen op passer:
oppasser

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. passer (meetinstrument)
  2. passer (opkoper van ramsjpartijen)
  3. passer = pasar (Indische markt)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `passer`.