oud-

prefix
Uitspraak:  [ɑut]

wie of wat vroeger die status had
Voorbeelden:  `oud-leden`,
`oud-burgemeester`
Synoniemen:  ex-, voormalig


1 definitie op Encyclo
  • voorvoegsel waarmee zelfstandige naamwoorden worden gevormd en dat aangeeft dat de in het tweede lid genoemde persoon niet langer meer is wat hij of zij in het verleden is geweest; voormalig; gewezen in toepassing op iemand die een bepaalde functie bekleed heeft of een bepaald beroep professioneel uitgeoefend...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met oud-:
oud-aanvoerderoud-adviseuroud-advocaatoud-Ajaciedoud-ambassadeuroud-ambassadriceoud-ambtenaaroud-atleetoud-bankieroud-bekendeoud-bestuurderoud-bestuurslidoud-bestuursvoorzitteroud-bevelhebberoud-bewindsmanoud-bewindsvrouwoud-bewoneroud-bisschopoud-bokseroud-bondscoach
Toon alle woorden die beginnen met oud-

Taaladvies
Schrijf je een koppelteken achter bijzondere voorbepalingen als adjunct, aspirant, assistent, bijna, chef, collega, ex (voormalig), interim (voorlopig, tussentijds), kandidaat, leerling, meester (hoofd), niet, non, oud (voormalig), Sint (sint, Sinte, sinteofSt.), stagiair en substituut? Zie Welofgeen koppelteken erachter?

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat betekent oud-?
'wie of wat vroeger die status had'
Hoe spel je oud-?
oud- spel je O U D Streepje

Op andere websites
Zoek oud- in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek oud- op Google
Zoek oud- op Woordenlijst.org
Zoek oud- in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek oud- op Wikipedia