onoorbaar

bijv.naamw.
Verbuigingen:  onoorbaarder
Verbuigingen:  onoorbaarst

1) ontoelaatbaar, ongepast, onbetamelijk, onfatsoenlijk, onbillijk
Voorbeeld:  `Deze handelwijze is volgens artikel 11, lid 1 onoorbaar.`

2) tweede betekenisomschrijving
Voorbeeld:  `Zin met het onoorbaar in de tweede betekenis erin.`


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
onbehoorlijk ontoelaatbaar

2 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: bijvoegelijk naamwoord en bijwoord (-der, -st), ~LIJK, bijwoord niet gepast, niet geoorloofd; onnuttig. *...OORDEELKUNDIG, bij...
  2. 1) Iets dat onbetamelijk is 2) Niet oirbaar 3) Onbehoorlijk 4) Onbetamelijk 5) Onfatsoenlijk 6) Ontoelaatbaar 7) Onvoegzaam
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 63% van de Nederlanders en 26% van de Vlamingen het woord `onoorbaar`.