nipt

bijv.naamw.
Uitspraak:  [nɪpt]

met een klein verschil
Voorbeelden:  `We verloren nipt met 8-10.`,
`Evenals in 2004, won hij nipt de voorverkiezingen.`
Synoniem:  ternauwernood

© Kernerman Dictionaries.

5 definities op Encyclo
  1. 1) Amper 2) Krap 3) Met grote moeite 4) Met klein verschil 5) Op 't kantje 6) Op het kantje 7) Op het randje 8) Te elfder ure 9) Ternauwernood
  2. [Nieuwsbegrip] Met een klein verschil, maar net
  3. Studententaal; erg cool, gaaf, goed
  4. krap
  5. op het kantje Jaar van herkomst: 1945 (Aanv WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op nipt:
afgekniptbijgekniptgelijkgekniptkaalgekniptkniptuitgekniptverkniptaangeknipt

Herkomst volgens etymologiebank.nl
nipt (op het kantje)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `nipt`.