nachecken

werkw.
Afbreekpatroon:  ` na - chec - ken
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  checkte na (verl.tijd )
Vervoegingen:  nagecheckt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

nogmaals controleren
Voorbeeld:  `nachecken of alle deuren inderdaad zijn afgesloten`


2 definities op Encyclo
  1. een nuance. Ligt ergens tussen checken en dubbelchecken in
  2. 1) Controleren 2) Toetsen
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
nachecken

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 76% van de Nederlanders en 83% van de Vlamingen het woord `nachecken`.